top of page
  • ejbegemann

Poli 2: Het zwanger-en-diabetes-spreekuur

Bijgewerkt op: 28 sep. 2023

“Een open buikje, hoe erg zou dat zijn?” vraag ik zachtjes.

In de wachtkamer zitten Jorden en ik dicht naast elkaar op de bank, te wachten op de volgende afspraak. De woorden van de echoscopist klinken nog na in mijn hoofd.


“Dat weet ik eigenlijk niet, ik ken alleen een open ruggetje,” zegt Jorden.


“Misschien kon het ook nog gewoon vanzelf dichtgroeien, hè?” Ik geloof dat ik vooral mezelf ermee gerust wil stellen.

“Mevrouw Begemann?” Een jonge diabetesverpleegkundige roept mijn naam. We lopen achter haar aan naar de spreekkamer.


"Ik zal hem met spoed voor je aanvragen."

“Ik heb goed nieuws, je komt in aanmerking voor een Dexcom sensor. Dat zegt je vast nog helemaal niks, dus ik zal het even uitleggen,” begint ze.


Ik durf niet te zeggen dat ik vrij precies weet wat een Dexcom sensor is en wat voor soorten sensoren er nog meer allemaal zijn. De afgelopen weken heeft zowel Jorden als mijn vader het hele internet op dit onderwerp uitgelezen en ze hebben alle informatie in detail aan mij hebben doorgespeeld: de Dexcom is een kleine sensor net onder je huid, met een zender erop die constant je bloedsuikerwaardes meet en doorstuurt naar je telefoon.

Na haar uitleg over de sensor gaat de diabetesverpleegkundige verder: “Omdat je al zwanger bent zal ik hem met spoed voor je aanvragen. Als het goed is, is hij hier volgende week dinsdag en dan krijg je een training van de leverancier over hoe je hem moet gebruiken.”


“Oh, dat is fijn zeg, kan ik hem dan meteen ook al gebruiken?” vraag ik. Het lijkt me niet nodig om te vertellen hoe verbaasd ik ben dat niemand in het ziekenhuis ooit over een sensor is begonnen en hij ineens met spoed wordt aangevraagd nu ik er tijdens de vorige afspraak zelf naar vroeg.


“Ja, die dag brengen we de eerste sensor aan en dan kan je hem meteen gebruiken,” antwoordt de diabetesverpleegkundige.

“Dat is perfect. We gaan de week daarna namelijk uit eten, omdat we tien jaar samen zijn, en het lijkt me wel makkelijk als ik hem dan al kan gebruiken.”


Jorden kijkt opzij en lacht naar me. Hij weet hoe spannend ik het vind om voor het eerst weer uit eten te gaan.


De diabetesverpleegkundige maakt meteen van de gelegenheid gebruik om me wat tips te geven in de categorie: diabetesmanagement in een restaurant. Insuline pas spuiten als het bord met eten voor mijn neus staat, zodat ik enigszins kan inschatten hoeveel koolhydraten er in zitten en zodat ik geen hypo krijg als het eten later gebracht wordt dan verwacht; als het eten erg vet is een halve dosering spuiten en een paar uur na het eten de andere helft, omdat de koolhydraten door het vet langzamer worden opgenomen; laat op de avond of in de nacht mijn wekker zetten en nog een keer goed mijn bloedsuiker checken, omdat het eten een ander effect op mijn bloedsuiker kan hebben dan mijn normale maaltijden. Ik probeer alles op te slaan in mijn hoofd.

In de bus terug naar huis zwaai ik naar Jorden die naar zijn werk rijdt, pak ik mijn telefoon en open Safari. Open buik baby, typ ik in de zoekbalk. Terwijl ik door de resultaten scrol krijg ik zelf pijn in mijn buik.


“Zullen we afspreken dat als je iets wil weten, je het aan mij vraagt en ik je dan de genuanceerde versie van de zoekresultaten geef?”

’s Avonds lig ik met mijn hoofd tegen Jordens borstkas op de bank. Met de achterkant van zijn hand veegt hij de laatste tranen van mijn wang.


“Zullen we afspreken dat als je iets wil weten, je het aan mij vraagt en ik je dan de genuanceerde versie van de zoekresultaten geef?” stelt hij voor.


Het lijkt me een goed idee. Een googleverbod.


“En laten we eerst maar eens de volgende echo afwachten, wie weet groeit het buikje vanzelf nog dicht,” voegt hij eraan toe, terwijl hij me een kus geeft op mijn hoofd.

Tijd voor het avondeten. Routinematig prik ik in mijn vinger; 8,5 geeft mijn bloedsuikermeter aan. Boos sla ik met mijn vuist op het aanrecht. Die baby heeft het al zo zwaar in mijn buik en dan lukt het mij ook nog eens niet om mijn bloedsuikers onder de acht te houden.


Eline Begemann (Velp, 1989) heeft Technische Natuurkunde gestu­deerd in Groningen en daarna gewerkt als strategieconsultant en Chief of Staff. Op haar 28ste krijgt ze, terwijl ze zeven weken zwanger is, de diagnose diabetes type 1. Ze is auteur van het boek Een marathon lang prikken. In dit boek neemt ze je mee in haar reis van zwangerschap naar de 90 km lange Vasaloppet marathon op de langlaufskies, waarin diabetes een grote rol speelt. Het geeft daarmee een beeld van de nuance tussen aan de ene kant alle mooie dingen die mensen met diabetes ‘gewoon’ kunnen doen en aan de andere kant de worstelingen waar personen met diabetes mee te maken krijgen. Het boek wordt geprezen vanwege de herkenbaarheid voor mensen met diabetes en het inzicht wat het aan mensen in hun omgeving geeft op het gebied van de impact van diabetes. Een marathon lang prikken is beschikbaar via deze website en de meeste (online) boekhandels).




115 weergaven0 opmerkingen

Recente blogposts

Alles weergeven

Comments


Post: Blog2 Post
bottom of page